Naar een mondiale verzorgingsstaat?

Freek Kallenberg


Met het pamflet Vlucht naar voren! wil het Autonoom Centrum het huidige debat over migratie openbreken en verbreden. Wie een radicaal geluid verwacht, heeft het mis. Een nieuwe internationale rechtsorde gebaseerd op 'koude' solidariteit en wereldburgerschap vormen de kern van een betere toekomst.


Volgens de auteurs van Vlucht naar voren! , Ed Hollants en Cris Keulemans, wordt het migratiedebat te veel beheersd door de sleutelwoorden uitsluiting, tegenhouden en beheersen. Ontkent wordt dat migratie een gevolg is van internationale economische en politieke verhoudingen die oorlog en armoede tot gevolg hebben. Door de grenzen te sluiten probeert Europa migranten buiten de deur te houden.
Volgens de auteurs is dit Fort Europa achterhaald. De scheiding tussen rijke en arme, vredes- en oorlogsgebieden, wordt steeds minder bepaald door landsgrenzen. De natiestaat is op haar retour. Niet alleen trekken kapitaal- en informatiestromen zich nog zelden iets van landsgrenzen aan, ook mensen voelen zich steeds minder met elkaar verbonden door de natiestaat. Cultuur, de werkplek of internet vervult in toenemende mate deze rol. Hier ontstaan nieuwe vormen van gemeenschap en identiteit.
Dit leidt echter niet tot een 'open' wereld. Landsgrenzen mogen dan verdwijnen, economische, etnische en culturele grenzen komen ervoor in de plaats of worden groter. Waar de welvaart zich concentreert is niet iedereen welkom. Etniciteit is steeds vaker inzet van burgeroorlogen en cultuurverschillen gelden steeds vaker als argument voor afzondering en uitsluiting.
Hollants en Keulemans keren zich ook tegen deze grenzen. Het opwerpen van grenzen getuigt volgens hen van onvermogen of onwil om te beseffen dat mensen afhankelijker van elkaar zijn dan ooit. Dit keert zich op den duur tegen ons: "Juist in een maatschappij die individualiseert of opsplitst in nieuwe eenheden is het van levensbelang om verantwoordelijkheidsgevoel te ontwikkelen voor wat elders gebeurt."
Deze verantwoordelijkheid moet volgens hen tot uitdrukking komen in een soort wereldburgerschap. We moeten beseffen dat mensen niet zelf schuldig zijn aan armoede en oorlog, maar dat dit het gevolg is van de manier waarop de maatschappij georganiseerd is. Het is een onrechtvaardige armoede. Actieve (wereld)burgers kunnen actie ondernemen om het wereldwijde web van instituties tot hervormingen te dwingen.
Inzet van die hervormingen is bovenstatelijke 'koude' of gečnstitutionaliseerde solidariteit zoals we die in de naoorlogse Westeuropese verzorgingsstaten kennen (of gekend hebben). Hier worden burgers middels talloze arrangementen als progressieve belastingen en sociale verzekeringen gedwongen tot solidariteit met de 'zwakkeren' in de samenleving.

Publieke ruimte

Daar de verzorgingsstaat in rap tempo is afgebroken en de natiestaat langzaam wordt uitgehold, zal de 'koude' solidariteit op bovenstatelijk niveau georganiseerd dienen te worden. Daarbij staat Hollants en Keulemans een model voor ogen waarbij de nieuwe gemeenschappen die zich nu vormen hun leden voorzieningen aanbieden die voorheen van de staat afkomstig waren. De mate waarop men recht heeft op voorzieningen worden bepaald door de periode waarin men aan de gemeenschap heeft deelgenomen en door de bijdrage die men in de vorm van werk op verzorgende taken heeft geleverd. Naast een elementaire basisuitkering kan iedereen zo rechten opbouwen op extra voorzieningen, zoals nu het pensioen of de werkloosheidsuitkeringen. Gedurende de periode dat men in een gemeenschap verblijft heeft men medezeggenschap over zaken die de gemeenschap en haar omgeving aangaan.
Al deze toegangsrechten worden opgebouwd volgens internationale afgesproken regels. Nieuwe vormen van bestuur en een transparante overheid houden toezicht op de uitvoering van de sociale voorzieningen. Deze controleert niet meer iemands herkomst of nationaliteit, maar de wijze waarop hij of zij zich houdt aan de afspraken binnen een samenleving. Op deze manier vervalt het onderscheid tussen 'legale' en 'illegale' mensen. Een breed scala van gradaties van burgerschap komt er voor in de plaats.
Grensoverschrijdende instituties spelen hierin een grote rol. Zij zien toe op de rechtshandhaving en uitvoering en bieden ruimte voor overleg met alle partijen. De Verenigde Naties zijn hiervoor niet geschikt gebleken en dus zal er een nieuw instituut moeten komen dat toeziet op mensenrechtenschendingen of op het machtsmisbruik van regeringen.
Daarnaast moet uiteraard de rijkdom worden herverdeeld. Kleine institutionele veranderingen in het westen kunnen het lot van de armen in de rest van de wereld al sterk verbeteren. NGO's zullen een steeds grotere rol spelen in bestaande hulp- en samenwerkingsprojecten. Maar ook op individueel niveau via geco"rdineerde consumentenacties is veel mogelijk. Bedrijven krijgen de taak toe te zien op de werkomstandigheden en mensenrechten in de omgeving van waar ze werken. Ook westerse vakbonden zouden zich meer moeten inzetten voor vakbonden elders.
Het probleem is het ontbreken van democratische controle bij dit soort instellingen. De grootste intellectuele en politieke uitdaging is volgens Hollants en Keulemans het ontwerpen van een publieke ruimte over de grenzen van landen en rechtssystemen heen waar openheid, inspraak en democratie hun werk kunnen doen.

Den Uyl

Openheid, inspraak, democratie, gečnstitutionaliseerde solidariteit, minimale sociale basisrechten gegarandeerd door bovenstatelijke instellingen met daarbij de mogelijkheid om rechten op extra voorzieningen op te bouwen (mits daar een prestatie tegenover staat uiteraard)... Wijlen Joop den Uyl kan opgelucht ademhalen. Een autonoom actiecentrum werpt zich op om het sociaal democratische project te redden uit de handen van Kok en zijn paarse kornuiten. De nationale verzorgingsstaat werd door de internationalisering van het kapitalisme in rap tempo afgebroken. Hoewel het internationaliseren van de verzorgingsstaatarrangementen voor de hand lag, konden ze er bij de Wiardi Beckmanstichting maar niet opkomen. Er was een frisse 'buitenparlementaire' blik voor nodig om dit te bedenken.
Hoewel Vlucht naar voren! in veel opzichten een waardevol pamflet is, wordt een belangrijke vraag niet gesteld. Een vraag die ook binnen de sociaal-democratie niet of zelden gesteld mocht worden, namelijk: hoe brengen we het kapitalisme om zeep? Is d t niet nog steeds de "grootste intellectuele en politieke uitdaging"?
Volgens Hollants en Keulemans niet, ze reppen er in het pamflet ieder geval met geen woord over. Wel wijzen zij de razendsnelle opmars van de vrije markt aan als oorzaak van veel armoede en ellende en als een belangrijke motor achter migratie. Ze pleiten dan ook voor herverdelingen: "niet alleen materiČle rijkdom, maar ook kennis, toegang tot netwerken en cultureel kapitaal." De vrije markt moet worden 'hervormd', dat wel. Nergens wordt deze echt ter discussie gesteld. Misschien is de strijd tegen de markteconomie voor het Autonoom Centrum, of de auteurs van het pamflet, een gepasseerd station. Maar om hun eigen leus te parafraseren, in een kapitalistische wereld is 'de wereld nooit van iedereen'.

Goed leven

Volgens Hollants en Keulemans moeten we leren omgaan met de angst voor het andere, het nieuwe, het vreemde. "Er valt ook veel te leren, ook voor ons", zo stellen ze. We leren nu al van cultuur, filosofie en geneeswijzen uit andere culturen. "Ook zijn in andere culturen tal van manieren te vinden die buiten staatsvormen om verzorging bieden aan de leden van de gemeenschap of die er democratische principes op na houden, onafhankelijk van een staat.", aldus Hollants en Keulemans. Ik vermoed dat je hier ook zelden of nooit een markteconomie aan zal treffen.
Wat me verbaast is dat de auteurs in de volgende regels stellen dat de basis voor een 'open' wereld een internationale norm van rechten en plichten is. Is zo'n norm wel verenigbaar met de uitgesproken wens voor heterodoxe samenlevingsvormen? Juist de door hen omarmde 'koude' solidariteit van de verzorgingsstaten stemt me wat dit betreft niet optimistisch.
Deze solidariteit is verbonden met het idee van verdelende rechtvaardigheid. Het is een uitdrukking van actief medeleven met de 'zwakkere' in de maatschappij. Wie zwak is en wie sterk, hangt echter ook af van de sociale orde. Het heeft te maken met wat men als 'het goede leven' beschouwt. Onderwijs kunnen volgen, werk willen hebben, willen consumeren en professioneel verzorgd willen worden in geval van lichamelijke en psychische problemen. Hierover lijkt bij ons een vanzelfsprekende consensus te bestaan. Hierdoor wordt voorbijgegaan aan de gecompliceerde processen waarmee in de westerse maatschappijen deze consensus over een goed leven steeds opnieuw - met zachte of harde hand - geproduceerd wordt. Andere invullingen van 'een goed leven' worden maar al te vaak gecriminaliseerd of met heropvoedings- en resocialisatieprogramma's de kop ingedrukt.
Uiteraard willen Hollants en Keulemans die andere invullingen alle kans geven, maar ik vraag me af of dit te verenigen is met een bovenstatelijke georganiseerde 'koude' solidariteit. Want wat voor kans heeft een goed leven dat zich niet laat verenigen met de wetten van de vrije markt? In de westerse verzorgingsstaten is het in ieder geval altijd kansloos geweest. Of die in 'samenleving van morgen' zoals die in Vlucht naar Voren! wordt beschreven wel kans zal hebben, vraag ik me af.

Freek Kallenberg

Ed Hollants & Cris Keulemans Vlucht naar Voren! Een pamflet over migratie en toekomst. Uitgave van het Autonoom Centrum. Tel: 020-6126172.